|
Vanaf
pupleeftijd wordt er achter alle dingen aangerend die bewegen:
blaadjes, pluisjes, balletjes maar vooral vogels. Eerst werden mussen
en merels weggejaagd, toen waren de kauwen en kraaien aan de
beurt, en naarmate de leeftijd vordert zijn steeds grotere vogels
favoriet. Zo zijn daar de (zee-)meeuwen, veldleeuweriken,
roeken, en ja zelfs reigers die het zwarte gevaar op zich af
zien komen. Ook de roep van de fazant zet haar in de
versnelling. Maar het zijn toch echt de ganzen die met kop en vleugels
de lijst met favoriete dieren aanvoeren, want onze hondjes zijn gak,
gak, gak op ganzen. Waarschijnlijk
omdat deze vogels zich in de lucht en op het land goed van zich laten
horen. Dat trekt onmiddellijk de aandacht. Ze zijn dan volgens mij ook
één van de weinige honden die
voortdurend even naar boven kijken als er iets te horen of te zien
valt, tijdens een wandeling. En omdat ze geen jachthonden
zijn, maar herders, is het enkel de bedoeling de groep ganzen
op te drijven. En probeer dat maar eens goed te doen als deze vogels in
de lucht cirkelen.
|